ouders
Of je kind nu 8 of 16 is, soms is het lastig om te begrijpen wat er achter gedrag zit. Samen kunnen we kijken naar wat er speelt, wat je kind nodig heeft en wat jij als ouder kunt doen. Zo werken we aan meer rust, vertrouwen en verbinding thuis en in de relatie met elkaar. Je hoeft niet te wachten tot het echt misgaat. Ook wanneer je twijfelt of gewoon eens wilt overleggen, kun je contact opnemen.
Voor ouders van kinderen van 6 tot 12 jaar: Als je kind groter wordt
Tussen 6 en 12 jaar gebeurt er ontzettend veel. Je kind wordt zelfstandiger, krijgt een eigen mening en ontdekt steeds meer wie het is. Vrienden worden belangrijker, de wereld wordt groter en je kind leert steeds beter omgaan met emoties, verwachtingen en uitdagingen.
Soms gaat dat niet vanzelf. Je kind kan onzeker zijn, snel boos worden, zich terugtrekken of moeite hebben met veranderingen. Ook als ouder kan het zoeken zijn: wanneer geef je ruimte en wanneer stuur je bij? Je wilt je kind graag helpen, maar soms weet je even niet meer hoe.
Voor ouders van pubers en adolescenten: Als je kind zich steeds meer losmaakt
De puberteit en adolescentie zijn periodes waarin er ontzettend veel verandert. Niet alleen lichamelijk, maar ook in hoe je kind naar zichzelf en de wereld kijkt. De behoefte om zelf te bepalen en eigen keuzes te maken wordt steeds sterker. En daarmee verandert ook jouw rol als ouder. Waar je eerst misschien de held was, kun je nu ineens op weerstand, discussies en dichte deuren stuiten. Dat kan best even slikken zijn.
Je kind loslaten hoort bij het groter worden. Het is een belangrijke en gezonde stap richting zelfstandigheid. Maar dat betekent niet dat het altijd makkelijk is. Voor je kind niet, maar zeker ook niet voor jou als ouder. Je wilt er zijn, grenzen stellen én ruimte geven. Maar wat heeft je kind op dit moment eigenlijk van jou nodig?
Wanneer kan een SideKick van pas komen?
- Je begrijpt niet goed waar het (nieuwe) gedrag van je kind vandaan komt.
- De gesprekken met je kind eindigen regelmatig in ruzies of frustratie.
- Je ziet de schoolresultaten in rap tempo achteruit gaan.
- Je kind vertelt steeds minder thuis en ontwijkt je vragen.
- Je merkt dat je kind steeds minder plezier heeft in dingen die het vroeger leuk vond.
- Je kind heeft moeite met veranderingen, nieuwe situaties of onverwachte dingen.
- Je kind heeft moeite met vrienden maken of contact met anderen leeftijdsgenoten.
- Je kind maakt zich veel zorgen, piekert of is vaak bang.
- Je kind heeft een vol hoofd en komt moeilijk tot rust.
- Je merkt dat je kind weinig vertrouwen heeft in zichzelf.
- Je hebt het gevoel dat jullie elkaar steeds minder goed begrijpen.
- Je twijfelt regelmatig: “Doe ik het eigenlijk wel goed als ouder?”
- Je hebt al van alles geprobeerd, maar het lijkt niet echt te helpen.
- Je wilt je kind graag beter begrijpen en ontdekken wat het nodig heeft.